Zoeken
 


Wie ben ik?

Laatste wijziging: woensdag 6 januari 2010 om 20:59, 1856 keer bekeken Print dit artikel Bekijk alle nieuws feeds van onze site
 
woensdag 6 januari 2010

Wie ben ik? Als je denkt dat het leven berust op een soort toeval zonder enige betekenis, is je perceptie van de complexe wereld om je heen slechts gericht op betekenisloosheid en zinloosheid. Als je gelooft in de oorspronkelijke zondeval en de grote moeilijkheden bij het vinden van verlossing, zullen je waarnemingen waarschijnlijk volledig gericht zijn op het zien van je eigen fouten en die van anderen.

Ons geloofssysteem over wie we zijn en hoe onze wereld in elkaar steekt, berust niet alleen op wat wij geloven, het overheerst onze waarnemingen zelfs in hoge mate. We kunnen daarover meer controle verkrijgen door te onderzoeken wat we geloven en op welke wijze die geloofsovertuigingen van invloed op ons zijn.

Prof. Charles Tart in zijn uitdagende essay ‘Wie ben ik?’

Het onderstaande artikel bieden we je graag aan als eerste hoofdartikel in het jaar 2010. Het artikel onderstreept naar onze mening opnieuw, hoe essentieel het is dat JIJ ZELF het roer in handen neemt, je niets laat aanleunen wat anderen ervan vinden. Jouw uniciteit zorgt ervoor dat deze zich alleen zal herkennen in jouw eigen spiegel. Hoe die spiegel eruit ziet, bepaal jij elke dag door dátgene te kiezen waar jij jezelf het meest in herkent. Wat je ook meemaakt, gebruik jezelf als baken, als enige referentiepunt of iets bij je resoneert of dat niet doet!
Fred Burks, van de Amerikaanse website WantToKnow.inf0, schrijft het volgende intro bij het artikel van Charles Tart. Daar sluiten wij ons graag bij aan.

Lieve vrienden,

Charles Tart, professor in de psychologie aan de Universiteit van Californië heeft een indrukwekkend essay geschreven waarin hij ons uitnodigt onze overtuigingen over en onze kijk op de werkelijkheid niet voor zoete koek aan te nemen. Het uitdagende karakter van onderstaand artikel gaat over de diepzinnige vraag ‘Wie ben ik?’

Het onderzoeken van onze geloofsovertuigingen schept ruimte voor persoonlijke groei en dieper begrip. Weet je echt wie je bent? Weet ik werkelijk wie ik ben? In welke mate zijn ons denken hierover en andere dieperliggende vragen gevormd door onze geloofsovertuigingen en onze opvoeding. Lees verder en ontdek de diepte van dit mysterie en stel je open voor een breder bewustzijn over wie we zijn.

Met de beste wensen,
Fred Burks (PEERS en WantToKnow.info)

~~~~~~~~~~~~~~~~

XXXXXXX

WIE BEN IK?

Door Charles Tart

2010 – © Nederlandse vertaling Jan Smith / WantToKnow.nl/.be

Dat is een eeuwige vraag. Als je het antwoord niet weet, zul je waarschijnlijk het onderscheid niet weten te maken tussen datgene wat je hoger zelf wil en wat andere mensen proberen je wijs te maken wat jij wilt. Ieder van ons doet er goed aan dit voor zichzelf te beantwoorden. Toch zijn de antwoorden die door anderen worden gegeven van invloed op de manier waarop we deze vraag tegemoet treden (of juist ontwijken). Verschillende soorten antwoorden van meer algemene aard werden reeds gegeven.

Het meest traditionele antwoord in het Westen is dat je een wezen bent, een schepping van God, een wezen dat op belangrijke punten gevormd werd. Verwekt en geboren met de idee van de oorspronkelijke zondeval, ben je iemand die voortdurend strijd moet leveren te gehoorzamen aan de regels die door God werden opgelegd teneinde niet te worden verdoemd.

Dit antwoord is in zekere mate nogal deprimerend. Aan de ene kant kan dat leiden tot een laag zelfbeeld en een verwachtingspatroon dat gericht is op mislukking. Aan de andere kant echter kan het arrogantie in de hand werken door de gedachte dat iemand is ‘uitverkoren’. Verder kan deze kijk op de dingen ervoor zorgen dat je niet echt wordt aangemoedigd om na te denken over wie je werkelijk bent, omdat het antwoord reeds werd ingegeven  door een ‘hogere’ bron.

Het antwoord op de vraag ‘wie ben ik’, dat meer van deze tijd is, luidt dat je een toevalligheid bent zonder enige betekenis. De beschouwende wetenschap is doordrenkt met deze visie, die erop neerkomt dat het hele universum puur materialistisch is en slechts wordt beheerst door natuurkundige wetmatigheden en blind toeval.

Toevallig kwamen in dat uitgestrekte universum, onder de juiste omstandigheden, de juiste chemische stoffen bij elkaar, waardoor de chemische reactie, die wij aanduiden met ‘het Leven’ zich kon voordoen en die uiteindelijk heeft geleid tot wat jij nu bent.

Maar hierin ontbreekt een samenhangende betekenis en is er geen sprake van een spirituele kant van het bestaan.

Ik geloof dat deze kijk op de dingen niet echt berust op juiste wetenschap, maar eerder te maken heeft met wat we geloven over wetenschap en allerlei feitelijkheden. Nog belangrijker is het gegeven dat het een visie is met behoorlijk stevige psychologische consequenties. Als je alleen maar een mengeling bent van chemische stoffen, staat je uiteindelijke lot al bij voorbaat vast – dood en non-existentie. ‘Maak je niet teveel zorgen om anderen, want zij zijn ook alleen maar chemische mengelmoesjes’. Bij deze visie maakt het helemaal niet uit dat je nadenkt over wie je bent – wat de uitkomst daarvan ook is, berust louter op subjectieve fantasieën die geen enkele betekenis hebben in de fysieke wereld.

Modern onderzoek heeft op uiteenlopende manieren aangetoond dat wat wij geloven in belangrijke mate van invloed is op de wijze waarop onze hersenen de wereld die wij ervaren, construeren.

Psychologisch gezien laat deze kijk op onze uiteindelijke aard ons net zoveel te wensen over als de visie die gebaseerd is op de zondeval. Als psycholoog besteed ik veel aandacht aan deze twee visies op onze uiteindelijke identiteit, omdat je geloofsovertuigingen een heel belangrijke rol spelen in het scheppen van je eigen werkelijkheid. Modern onderzoek heeft op uiteenlopende manieren aangetoond dat wat wij geloven in belangrijke mate van invloed is op de wijze waarop onze hersenen de wereld die wij ervaren, construeren. Sommige van die geloofsovertuigingen zijn heel bewust. Je weet dat je ze erop nahoudt. Toch zijn er ook veel die stilzwijgend zijn – je handelt er wel naar, maar je bent je er niet echt bewust van dat je die overtuigingen huldigt.

Mocht je misschien denken dat het leven over het algemeen een op toeval berust en zonder enige betekenis is, dan zal jouw perceptie van de gecompliceerde wereld om je heen waarschijnlijk toegespitst zijn op het zien van die betekenisloosheid van alle dingen. Als dat je visie is, werkt dat achtereenvolgens weer versterkend op je geloof dat alles inderdaad behoorlijk betekenisloos is.

Als je gelooft in de oorspronkelijke zondeval en de grote moeilijkheden die het vinden van verlossing met zich brengt, zal de focus van je waarnemingen uitsluitend gericht zijn op het zien van de fouten van anderen en die van jezelf. Ook dat werkt versterkend in op je eigen geloof in een zelfvervullende profetie. Ons geloof over wie we zijn en hoe de wereld in elkaar steekt zijn niet alleen maar geloofovertuigingen  -  ze beheersen in grote mate onze waarnemingen. En dus kunnen we meer controle verkrijgen door uit te vinden wat we geloven en hoe die geloofsovertuigingen ons beïnvloeden.

Tussen de traditionele religieuze en materialistische visies op wie we zijn bestaat een grote verscheidenheid aan ideeën die allerlei elementen behelzen die stuk voor stuk een grote rijkdom aan mogelijkheden voor persoonlijke en sociale groei in zich hebben. Het gemeenschappelijke element van die twee visies heeft te maken met het feit dat het leven en het universum in ieder geval iets te betekenen hebben en dat ieder van ons dat op een of andere manier in spirituele zin ook ervaart.

We zijn ‘tijdelijk’ de weg kwijtgeraakt.

Toch is het ook zo, dat die visies erkennen dat er ergens iets fout is gegaan. We zijn ‘tijdelijk’ de weg kwijtgeraakt. We zijn het essentiële goddelijke element in ons innerlijk vergeten en psychologisch opgesloten geraakt in een nauwe, traditionele, religieuze of materialistische kijk op de dingen.

In de moderne psychologie is veel bewijs te vinden dat aantoont hoe weinig wij gebruiken van ons natuurlijke potentieel en hoeveel lijden we eigenlijk zelf creëren en angstvallig koesteren en bewaken

Er is een eeuwenoud Oosters verhaal dat dit mooi illustreert – het verhaal over de Dwaze Koning. Ofschoon hij regeert over uitgestrekte bezittingen, is de Dwaze Koning dat vergeten. Jaren geleden daalde hij af naar de donkerste kelder van zijn grote paleis, waar hij, levend tussen allerlei ongedierte, voortdurend zit te piekeren over alle tegenspoed die hem treft. Al zijn ministers trachten hem op dappere wijze te overtuigen dat hij weer naar boven moet komen, waar het licht is en waar het leven zo mooi is. Maar de Dwaze Koning is ervan overtuigd dat ze allemaal gek zijn en luistert niet. Hij laat zich niet in de luren leggen door sprookjes over nobele koningen en prachtige paleizen

In de moderne psychologie is veel bewijs te vinden dat aantoont hoe weinig wij gebruiken van ons natuurlijke potentieel en hoeveel lijden we eigenlijk zelf creëren en angstvallig koesteren en bewaken. Maar als de ministers naar beneden komen in de kelder, hebben ze een lamp bij zich en brengen ze de koning eten en drinken om hem in leven te houden. Zelfs in zijn dwaasheid, moet hem dat toch opvallen. In de echte wereld gebeuren allerlei dingen die niet passen in onze vernauwde kijk, hoe sterk we ons er ook aan vastklampen, maar soms trekken die gebeurtenissen toch onze aandacht.

Dat gebeurt bijvoorbeeld bij zogenaamde psychische verschijnselen. Ze passen zeker niet in een materialistische visie, net zo goed als dat ze traditionele kijk van velen uitdagen dat dit soort verschijnselen slechts eens in de duizend jaar optreedt en dus geloofwaardig moet zijn en niet iets is waarover nog moet worden nagedacht.

Psychische verschijnselen verstoren zowel de traditionele als de materialistische kijk op wie we zijn. We kunnen best wel eens een beetje nadenken over het feit dat onze ware identiteit meer is dan we onder woorden kunnen brengen, of dat ons universum misschien bevolkt wordt door niet-materialistische intelligenties, maar het wordt wel even iets anders wanneer bijvoorbeeld bij een channeling de gewoon uitziende persoon tegenover je in slaapt lijkt te sukkelen en plotseling met een heel andere stem begint te spreken en verkondigt dat hij een andere entiteit is die het spreekkanaal van die persoon tijdelijk heeft overgenomen om jou iets te leren!

Dan moet je echt goed kijken wat er aan de hand is. Wie is die zogenaamde ‘andere entiteit’? Wie is die persoon die iets doorgeeft? Als iemand in staat is zijn of haar schijnbare identiteit zo drastisch te wijzigen, weten we dan eigenlijk wel wie hij of zij is? Kan ik er dan wel zeker van zijn wie ik zelf ben? Als je bent geconditioneerd te geloven dat wie je bent geen betekenis heeft, of dat je in en in slecht bent, zou je weleens helemaal niet zo open kunnen staan voor de aanmoediging die het verschijnsel van de channeling geeft aan de vraag ‘wie ben ik’.

We hebben veel psychologische manieren om onszelf te wapenen tegen het omgaan met zaken die niet passen in onze georganiseerde en te verdedigen wereld. Je zou gewoon kunnen zeggen dat die persoon gek is, of misschien wel met opzet de boel in de maling neemt. Dat is een goede verdediging, want er zijn natuurlijk best mensen die bekendstaan als channel die inderdaad gewoon maf zijn of opzettelijk net doen alsof. De beste leugens hebben gewoonlijk een behoorlijk hoog waarheidsgehalte.

Je kunt ook eenvoudig aannemen wat die zogenaamde gechannelde entiteit je vertelt. “Jazeker, U bent Meester ‘Shananangans’ van de zeventiende planeet van het goddelijke melkwegstelsel ‘Ottenwelt’. Leer mij alles, oh meester, ik hoor U aan en gehoorzaam U”.  Deze overenthousiaste aanname kan, net zo goed als een overenthousiaste afwijzing dat kan zijn, een verdedigingsmechanisme zijn tegen het dieper moeten nadenken en het stellen van vragen.

Channeling en andere psychische verschijnselen hebben een grote weerslag op onze hedendaagse cultuur. We kunnen die invloed aanwenden voor onze persoonlijke en sociale groei wanneer we bereid zijn na te denken over de dieperliggende gevolgen en de dingen die we vanzelfsprekend als onze natuurlijke aard betitelen, gaan onderzoeken.

Als we alleen maar blijven vasthouden aan ons geloof, gaat deze kans voorbij. Lees, denk na, onderzoek je geloofsovertuigingen, praat erover en raadpleeg eens een paranormaal begaafd mens of bezoek een channeling. Misschien kom je wel tot de conclusie dat ze niet ‘echt’ zijn in de gewone betekenis van het woord, maar in psychologische of spirituele zin wel echt of belangrijk zijn. Misschien besluit je wel dat een deel (of het meeste of misschien wel alles) werkelijk idioterie is. Maar tijdens het proces leer je heel veel over wie je bent en wie wij zijn.

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Opmerking: Bovenstaand essay is een geredigeerde versie van het voorwoord van Charles Tart  in het goedgedocumenteerde en intrigerende boek van Jon Klimo, getiteld ‘Channeling’.

Voor een krachtig essay waarin je wordt uitgenodigd meer open te staan voor plooibare intelligentie en transparantie, HIER
Voor uitstekend bewijs dat er meer te doen is over buitenzintuiglijke waarneming dan het oog waarneemt, HIER



Bron: wanttoknow.nl

Voeg toe aan: