Zoeken
 


Als de dollar valt vallen wij dan mee?

Laatste wijziging: vrijdag 5 december 2008 om 17:13, 2136 keer bekeken Print dit artikel Bekijk alle nieuws feeds van onze site
 
vrijdag 5 december 2008

Al langere tijd gonst het van de geruchten dat er een economische crisis op komst zou zijn. Het zou geen kwestie zijn van of die er zal komen, maar wanneer.

Moet economie zo ingewikkeld zijn?

Wie zich als leek een beetje in economie wil verdiepen komt al snel tot de conclusie dat het een ongelooflijk ingewikkeld iets is. Wil men het begrijpen dan zal men er toch enigszins voor gestudeerd moeten hebben. Men kan zich daarbij afvragen of het ingewikkelde karakter er van iets is dat van nature zo is, of dat het met iets anders te maken heeft. Wanneer ik het begrip economie van alle franje ontdoe die er door mensen in de vormgeving er van omheen geschapen is en kijk naar wat het wezenlijk is, dan kom ik in feite uit op iets heel simpels. Ik zie dan dat het niets anders is dan het uitwisselen van levensondersteunende diensten en goederen. Ooit is het ontstaan doordat mensen goederen en diensten met elkaar gingen uitruilen, daar ieder nu eenmaal niet volledig in zijn eigen behoeften kon voorzien. De één was goed in iets en de ander weer in iets anders. Maar een ieder had blijkbaar meerdere levensbehoeften. Er ontstonden zo afspraken binnen sociale gemeenschappen, op basis waarvan door ruilhandel tegemoet werd gekomen aan ieders fundamentele levensbehoeften.

De uitruil van diensten en goederen, zeker in het verdere verleden, had niet alleen een betekenis voor mensen op het materiële vlak. Het was binnen de menselijke samenleving ook een weerspiegeling van de aanwezige sociale afhankelijkheid van elkaar. Tevens had het een spirituele dimensie. Een ieder kreeg de mogelijkheid de vruchten van de eigen kwaliteiten te kunnen schenken aan de gemeenschap, daarmee een bijdrage te leveren aan het in stand houden en verdere ontwikkeling van die menselijke gemeenschap op aards niveau. Die spirituele dimensie van de economie is in de loop van de geschiedenis steeds meer verdwenen. Met name in de 20ste eeuw is dat heel snel gegaan.

De handel in gebakken lucht met aandelen, opties en andere economische monstruositeiten, die voor een steeds belangrijker deel het beeld en de waarde van de economie zijn gaan bepalen, heeft het meest wezenlijke van die economie aan het zicht ontrokken. Want welke fundamentele levensbehoefte hangt er nu eigenlijk samen met die handel in gebakken lucht? In dit digitale tijdperk waarin niet meer de uitruil van diensten en goederen het belangrijkste economische gegeven is, vliegen dagelijks miljarden zogenaamde geldeenheden, met name dollars, van de ene kant van de wereld naar de andere. Het gaat hierbij dan niet om tastbare munten die een bepaalde tegenwaarde hebben in goud en per vliegtuig of schip vervoerd worden. Nee, het gaat om veranderende getalletjes op computerschermen die via kabels of per satelliet vervoerd worden. Die veranderende getalletjes geven aan dat de handel in geld momenteel de meest belangrijke economische activiteit vertegenwoordigt.

Het gehele systeem dat hiermee samenhangt zit zo ingenieus in elkaar, dat de schijn van werkelijkheid die het eigenlijk is door het grootste deel der mensheid voor werkelijk wordt aangezien. Die schijn van de werkelijkheid wordt steeds minder werkelijk naarmate de digitalisering van de wereld voortschrijdt. Tja, we zijn nu eenmaal optimaal getraind in het leren geloven van fabels, ik bedoel eigenlijk leugens, die door de superieur intelligente deskundigen aan ons worden verteld. Zij hebben er immers voor gestudeerd en zullen het dan ook wel weten. Zij zijn de Verlichte geesten van onze tijd, die ons de weg zullen wijzen naar het aardse economische paradijs dat op ons wacht als de economie maar eindeloos door blijft groeien met minimaal drie procent per jaar. Voor minder gaan we niet. We moeten daarvoor wel nog meer consumeren, want dat houdt de motor van de economie draaiende. We moeten nog meer producten kopen, waarvan het productieproces de aarde helpt af te breken. Probleem is echter dat het natuurlijk ergens een keer fout moet gaan als we meer en meer moeten consumeren, maar minder en minder voor geld kunnen kopen en er sowieso minder van krijgen. Met recht kan men dan dus zeggen: "De leugen regeert".

De geldmagiërs.

De Belgische professor Bernard Lietaer, die de werking van geld en het bestaan van alternatieve economische systemen heeft onderzocht, spreekt van tovenarij met betrekking tot de creatie van geld. Want geld wordt letterlijk uit het niets geschapen telkens wanneer een bank een lening verstrekt. Zij heeft dan de vrijheid om degene die leent een aantal andere getalletjes op zijn bankrekening voor te toveren. Vervolgens moet de lener het geheel met een flinke rente terugbetalen. In feite is het geld eigenlijk dus niets, want voordat de lener het op zijn rekening bijgeschreven heeft gekregen bestond dat geldbedrag niet. Het werd door de lening geschapen, om zich vervolgens te materialiseren in de aankoop van goederen en dan doorgeschoven te worden naar de bankrekening van iemand anders. Die ziet het dan ook alleen maar in de vorm van veranderende getallen op zijn rekening.

Het is niet voor niets dat in de jaren ‘70 van de 20ste eeuw de goudstandaard werd losgelaten, waardoor er geen tegenwaarde in goud meer was voor iedere munt die werd geslagen of bankbiljet dat werd gedrukt. Het maakte de geldtovenarij een stuk gemakkelijker. Want waarom zijn banken zo bang dat mensen en masse hun zogenaamde tegoeden op komen eisen, zoals onlangs in Engeland? Men is daar bang voor, omdat die tegoeden niet bestaan in de kluizen van de bank. Welke bank zou nu eigenlijk nog kluizen hebben waarin geldstapels liggen opgeslagen? De door de rekeninghouders belaagde banken moeten dan bliksemsnel door de Nationale Centrale Bank worden te hulp geschoten, die weer een boel nieuwe getallen tevoorschijn tovert.

Het geld moet rollen wordt vaak gezegd, het moet dus rouleren. Maar rouleert het ook werkelijk? Of rolt het alleen maar één kant op, namelijk de verkeerde. In de richting van de staat en de banken. Banken zijn vreemde, vooral (zwart) magische instituten. Over hun ontstaansgeschiedenis en hun malafide achtergrond zijn al heel wat boeken volgeschreven, waarin vaak dezelfde namen voorkomen van een kleine elite van familieclans die de financiële touwtjes in handen hebben. Ze hebben zich de afgelopen decennia erg ingespannen om mensen leningen aan te praten voor het kopen van luxegoederen en onroerend goed. Het renteverhaal dat daar aan gekoppeld is, is voor de banken de winstgevende factor. Het geld dat oorspronkelijk bedoelt was als ruilmiddel voor goederen en diensten is door de bankpraktijken zelf tot winstgevende koopwaar geworden Maar zou het de bankiers nu alleen maar om het vergaren van steeds meer geld te doen zijn?

Is je eigen huis werkelijk van jou?

De illusie van bijvoorbeeld de trotse bezitter te zijn van een ‘eigen' huis zal in de komende tijd, net als in de VS, snel worden doorgeprikt. Wanneer de economische crisis uitbreekt is er namelijk helemaal niets meer over van dat trotse bezit. Dan blijkt dat men door de hypotheek in de slijmerige vangarmen van de bankenoctopus gevangen is komen te zitten. Men is afhankelijk gemaakt. Al die tijd blijkt het huis dan al van de bank geweest zijn. Door de veranderende geldgetalletjes op de rekening van de koper, die door de hypotheeklening uit het niets zijn gekomen en die hij weer heeft door moeten geven aan de verkoper van het huis, ontstond de illusie dat hij iets in eigendom heeft gekregen. Vanuit een spiritueel standpunt bezien is ieder bezit sowieso een illusie, dat in stand wordt gehouden door het op afscheiding en dus bezit gerichte ego. Dat ego heeft een sterke behoefte om zichzelf staande te houden door het scheppen van zekerheden. In onze materialistisch georiënteerde wereld wordt bezit als de ultieme vorm van zekerheid gezien. Het is tastbaar, concreet en in de vorm van onroerend goed wordt het als waardevast beschouwd. Zaken die nu eenmaal erg van belang zijn voor de materialistisch ingestelde mens. Welke zekerheid wil je dan nog meer?

Ooit las ik een toespraak van opperhoofd Seattle van de Dwamish-stam in Noord Amerika. De eenvoud en simpele logica die uit zijn toespraak sprak was voor mij overdonderend en ontroerend. Hij hield deze toespraak in 1854 naar aanleiding van voorstellen van de toenmalige Amerikaanse regering tot het aankopen van grond van de stam. De diepe verbinding die dit Indiaanse opperhoofd voelde met de natuur getuigt van grote wijsheid en vooral een diep respect voor die natuur. Hij zei onder andere het volgende:

"Het grote opperhoofd in Washington heeft gesproken: hij wenst ons land te kopen. Het grote opperhoofd heeft ook woorden gesproken van vriendschap en vrede. Dat is zeer goed van hem, omdat we weten dat hij onze vriendschap niet nodig heeft. Maar we zullen over uw aanbod beraadslagen, want we weten dat als wij ons land niet verkopen de blanke man met zijn geweren komt en het in bezit neemt. Hoe kun je de lucht, de warmte van het land verkopen? Dat is voor ons moeilijk te bedenken. Als wij de prikkeling van de lucht en het kabbelen van het water niet kunnen bezitten, hoe kunt u het dan van ons kopen? Wij zullen hierover op onze tijd een beslissing nemen."

Hoe vooruitziend het opperhoofd was heeft de geschiedenis van Amerika ons laten zien.

De schuldeneconomie.

Er wordt nu wel zoveel deskundig geleuterd over staatsschulden en tekorten op handelsbalansen, maar in ons moderne economisch systeem is er nog nooit een balans in de handel geweest. Want een werkelijke balans in de handel is totaal niet winstgevend en geeft vooral ook geen macht. Het zogenaamde ‘vrije' marktprincipe dat de basis zou zijn van onze economie, die de vraag en het aanbod in evenwicht zou moeten houden, is evenzeer een illusie als het geldsysteem. De grondgedachte er achter is dat de waarde van een product wordt bepaald door de overvloed of schaarste er van. Dat dit principe niet vrij is maar kunstmatig wordt gemanipuleerd al naar gelang de winstgevendheid en de afhankelijk makende werking van een product, is voor degenen die al wat bewuster in het leven staan wel duidelijk. Zo wordt geld ook als een schaars goed gezien, hetgeen het zo duur maakt. Er is altijd een tekort van, zegt men. Wie onder de lezers zal dit niet bevestigen? Ik hou bijvoorbeeld ook vaak aan het eind van mijn salaris een stukje maand over. (vrij naar Loesje) Maar ja, ik ben dan ook geen ingewijde in het geldgeloof en dan had ik maar een vak moeten leren en econoom moeten worden.

Maar als men dan vrijelijk vanuit het niets dat geld kan produceren en al die getalletjes op computerschermen overal ter wereld zo snel kan laten veranderen, is de schaarste er van natuurlijk de grootst mogelijke onzin. Die onzin wordt uitgekraamd om ons voor de gek te blijven houden.

Waarom nou zo moeilijk doen?

Even terug naar de ingewikkeldheid van de economie. Waarom zou dat nu zo zijn? Hiervoor gaf ik al aan dat de economie op zichzelf helemaal niet ingewikkeld is, wanneer deze wordt teruggebracht tot zijn essentie. De ingewikkeldheid van de economie wordt dus door mensen geschapen. Wat zou daar de reden van kunnen zijn, is dan de volgende logische vraag. In mijn artikel ‘The Endgame: de kunst van het leven is, het Leven als een Kunst te zien' gaf ik aan dat de Rooms Katholieke Kerk zich zo machtig heeft kunnen maken, doordat zij de mensen deed geloven dat zij altijd een priester of paus nodig zouden hebben om een direct contact met God te kunnen maken. Zelf plaatste de kerk zich daarmee in de rol van de onmisbare bemiddelaar. Zij kon toen een organisatie vormgeven die een sterke hiërarchie bezat en in zekere zin onaantastbaar, ondoordringbaar en de maker van de goddelijke wetten was. De meeste gelovigen waren zeer goedgelovig en lieten zich daardoor van alles wijs maken door die kerk. Zij werden tot een afhankelijke religieuze slavenkaste gemaakt. Tenminste dat kunnen wij, nu we wakker aan het worden zijn uit een boze nachtmerrie van macht en onmacht, achteraf pas zeggen. Bij het economisch systeem, oftewel het geldgeloof, zoals dat nu functioneert werkt het eigenlijk precies zo.

Dit hele economische systeem is een verzinsel dat is geschapen in de door machtswellust verziekte geesten van de zogenaamde moderne ‘Verlichten', de Illuminati dus. Door de positie waarop zij zich hebben geplaatst, die zij ontlenen aan hun superieure intellectuele kennis, hebben zij zich tot het pausdom van het geldgeloof gemaakt. Afhankelijk van ieders eigen intellectuele bagage kan men in de priesterkaste van het geldgeloof opstijgen. Dit intellect moet dan wel eerst worden gevormd in de door de duistere Verlichten geschapen wetenschappelijke instituten. Het is voor die Verlichten immers belangrijk om te weten in hoeverre een ieder bereid is de eigen individualiteit op te offeren voor het economisch bepaalde Verlichtingsgeloof.

In essentie komt het er dus op neer dat de economie zo ingewikkeld is gemaakt om te voorkomen dat wij er ook maar een snars van zullen begrijpen, als we niet tot het ingewijde pausdom behoren. Het is dus echt de bedoeling dat wij het niet snappen, zodat we gemakkelijker te manipuleren zullen zijn. Net zoals het ‘Hernieuwde' Verdrag voor Europa ook zo onleesbaar moeilijk is geschreven, zodat wij zonder heel veel moeite niet zullen kunnen ontdekken wat de ware bedoelingen erachter zijn. Dingen die boven je pet gaan heb je deskundigen voor nodig om ze te verduidelijken. Die deskundigen kunnen je dan natuurlijk van alles wijs maken, want je snapt het toch niet. Zij willen dus vooral dingen onder hun pet houden. De priesters, pauzen, brahmanen, opperrabbi's en ayatollahs zijn de religieuze deskundigen. De bankiers, economen en andere financiële bobo's zijn de deskundigen van het geldgeloof. Vergeet daarbij ook niet de gemummificeerde restanten van het verleden in de vorm van de vorstenhuizen. Zij kunnen het breed laten hangen, zoals onze Bea met haar nu jaarlijkse inkomen van 113 miljoen euries. Dit heeft alles te maken met de door hen behaalde resultaten uit het verleden die ze nu en voor de toekomst voor zichzelf willen blijven garanderen. Zij maken deel uit van het pausendom. Ze geven er ook nog een zeker sprookjesgehalte en glamour aan, die zo nodig zijn voor het goedgelovige volk om te kunnen aanbidden. Wat dat betreft staat Amsterdam 30 april 1980 nog vers in mijn geheugen gegrift.

Voor niets gaat alleen de zon op, maar hoelang nog?

Het geldgeloof met haar Illuminati-pausdom is de basis voor het scheppen van een economische slavenkaste. Gaat het bij de religieuze afhankelijkheidsmakerij om een geestelijke afhankelijkheid, bij het geldgeloof is men er op uit een totale afhankelijkheid te scheppen van de Grootmeesters der financiële magie. In de 20ste eeuw is immers ieder levensbereik binnen de macht van de economie getrokken. Voorheen sociaal-maatschappelijke gebieden werden onderhevig gemaakt aan de terreur van de geprivatiseerde onvrije markt. Alle fundamentele levensbehoeften van wie dan ook en waar dan ook, zijn binnen het private Illuminati-netwerk tot handelswaar geworden. Ook de spirituele behoeften. De spirituele supermarkten die we tegenwoordig overal zien ontstaan bieden voor hoge prijzen vele groei-, stoei- en bloeicursussen aan. Als het maar verkoopt en geld oplevert, kan men alles aanbieden. Hetzelfde geldgeloof ligt er aan ten grondslag. Maar is ware spiritualiteit wel te verhandelen? Daarbij moet ik denken aan het verhaal uit het Nieuwe Testament, waarin Jezus Christus de kooplui de uitgang van de tempel wees. Daarmee duidelijk maakte dat het wezenlijk geestelijke domein van de mens geen markt is.

Waarom is dit systeem nu zo ontzettend krachtig en zijn de Illuminati-pausen zo ontzettend machtig geworden? In eerste instantie hangt macht altijd samen met onmacht. Zonder objecten van machteloosheid zijn er ook geen objecten van macht. Het zijn de bekende twee zijden van dezelfde medaille. Beiden hebben elkaar nodig. Zij die zich machteloos voelen zullen altijd zoeken naar machtigen om hen de weg te wijzen uit hun onmacht. En zij die zich machtig willen voelen zullen altijd mensen zoeken die zich machteloos willen laten maken en houden, die zich willen laten (ver)leiden. Het thema macht en onmacht is een wezenlijk thema voor de mens van deze tijd. Welk soort relaties tussen mensen je ook onder de loep neemt, telkens zie je de worsteling met dit thema op de voorgrond treden. Angst voor het grote onbekende is daarbij vaak de leidsman. De vraag is dan; wat hebben wij hier als mensheid van te leren?

Collectieve gestructureerde verdoving.

Het wezenlijke van onmacht is dat het je een bijzonder onprettig gevoel geeft. Het is dan ook een instinctieve neiging om het niet te willen voelen. Net zoals lichamelijke pijn door velen het liefst zo snel mogelijk wordt weggepoetst met een paracetamolletje, wordt psychische of zielenpijn ook het liefst zo snel mogelijk weggedrukt naar de verre diepten van het onderbewuste. De psychische paracetamolletjes worden ons in de op vermaak, amusement en consumptie gerichte samenleving dagelijks meer dan voldoende aangeboden. De verdovende werking van al die zaken is meermaals onderzocht en beschreven.

De overkill aan geweldsbeelden en de pornoficatie van de media maakt onze geest bij voortdurende blootstelling er aan immuun voor deze zaken. Ook een verdoving dus, die de diepere dimensies van het leven aan het gevoel onttrekt. Het drugs- en alcoholverhaal en andere verslavende zaken hebben ook allemaal met verdoving te maken. Saillant detail hierbij is dat de laatste decennia steeds duidelijker is geworden dat het Illuminati-netwerk door de bezigheden van verschillende geheime diensten en maffiose contacten ook betrokken is bij de handel in heroïne, cocaïne en aanverwante zaken.

Onze gehele samenleving is er dus op gericht om onze collectief onderdrukte pijn over al het leed dat we elkaar, dus onszelf, in de loop van de geschiedenis hebben aangedaan op een zo groot mogelijke schaal gestructureerd te verdoven. Het materialistische mens- en wereldbeeld waar onze westerse ‘beschaving' op is gestoeld werkt per definitie al verdovend. Het maatschappelijke systeem zoals dat nu is, is er op gericht om ons collectief de kop in het zand te laten steken. Om daarmee maar niet de ondraaglijke pijn van al het in de loop der eeuwen opgebouwde collectieve wereldleed te hoeven ervaren, waar ons individueel geschapen leed deel vanuit maakt.

Tegenover de onmacht van hen die deze collectieve gestructureerde verdoving over zich laten uitstorten, staat de macht van hen die de middelen hebben om deze verdoving te scheppen en haar werkzaam te laten zijn. Zij reiken ons de dagelijkse onderhoudsdosis aan verdovend materiaal aan. De vormgeving van het onderwijs zorgt er voor dat jonge kinderen al snel ontvankelijk worden gemaakt voor de verdovende werking van onze ‘hoogstaande' westerse beschaving, zodat hun kiemende individualiteit geen kans krijgt zich voluit te ontwikkelen. Het Grote Spel van Licht en duisternis, zich uitend in de strijd om de aandacht van iedere menselijke ziel, is nu in een finale fase gekomen. Het begrip eindspel wordt steeds vaker gebezigd. Dit geeft aan dat de grote finale met toenemende snelheid op ons afkomt. Dit besef breekt wereldwijd bij meer mensen door.

Het betalen van de rekening.

Veel van de nu spelende problematiek in de wereld is vanuit het bovengenoemde te verklaren. De karmische rekeningen van onze gezamenlijke daden uit het verleden worden nu aan ons gepresenteerd en we willen ze niet betalen of menen onmachtig te zijn om dat te doen. Een in Nederland nog steeds actueel voorbeeld daarvan is het asielzoekerprobleem. Dit presenteert ons de rekening van eeuwen lang kolonialisme en tegenwoordig neokolonialisme. Onze luxe en welvaart heeft een onmenselijk prijskaartje voor vele Derde Wereldlanden geschapen. De daar nog aanwezige sociale structuren die veelal op een behoorlijke mate van zelfvoorziening waren gebaseerd van kleinere sociale gemeenschappen, zijn door het economisch globalisme van met name de westerse private multinationals volledig verwoest. Die gemeenschappen zijn daardoor in het afhankelijkheidsweb van de Illuminati terecht gekomen en worden door hen leeggezogen. Ze zijn de schuldeneconomie binnen gesleurd, daarmee ontdaan van hun gezonde sociale structuur. De door het westen breed geëtaleerde welvaart heeft dan logischerwijs een aanzuigende werking voor velen. Voor anderen zoals een toenemend aantal boeren in India, is de enige oplossing om te ontkomen aan de aan hen opgedrongen schuldenlast, het voortijdig beëindigen van het eigen leven. Wie draagt hier in dit geval de werkelijke schuld?

De oppermachtige US $$$.

Een belangrijke bijdrage aan het ontstaan van het schuldenfenomeen is geleverd in juli 1944. Toen ondertekenden 45 landen in Bretton Woods, New Hampshire in de Verenigde Staten de eerste geschreven beginselverklaring met betrekking tot geld. Men kan het zien als een soort van geloofsbelijdenis. Volgens die beginselverklaring moesten alle ondertekenende landen hun nationale munteenheid koppelen aan de dollar. De VS verplichtten zich daartegenover de dollar inwisselbaar te houden tegen goud, tegen een vaste goudkoers van US $ 35 per ounce. Dit verdrag plaatste de dollar in een overheersende positie in het wereldhandelssysteem. Het oprichten van het Internationaal Monetair Fonds had hier direct mee te maken, zij moest de gemaakte afspraken bewaken. In 1971 werd president Nixon onder de druk van grote dollaroverschotten in handen van buitenlandse banken er toe gedwongen om de koppeling van de dollar aan de goudstandaard los te laten. De waarde van de dollar hing van toen af in de lucht en werd bepaald door de grillen van de groeiende geld- en speculatiehandel die op de economische beurzen plaatsvond. Telkens wanneer één van de pausen van de Amerikaanse Federale Bank weer een uitspraak doet over de hoogte van de rente zorgt dat voor rimpelingen in de economische graaivijver. Soms zijn het kleine rimpelingen, soms ware tsunami's.

Verder is mij uit onderzoek gebleken dat wanneer de sterk in macht gegroeide Amerikaanse investeringsbank Goldman Sachs haar dagelijkse adviezen geeft ten aanzien van de waarde, dus de koop of verkoop van aandelen van welk bedrijf dan ook, dit grote gevolgen heeft voor het gedrag op de beurzen. Dit gedrag wordt ook medebepaald door andere geruchten die angst of juist vertrouwen oproepen. Dat dit verspreiden van adviezen of geruchten al lang een prima middel blijkt te zijn voor de Illuminati-pausen om beursbewegingen in de door hen gewenste richting te kunnen sturen blijkt uit een historisch gegeven.

Tijdens de Frans-Engelse oorlog begonnen in 1815 de Rothschild's, die in beide landen familieleden op belangrijke financiële posities hadden geplaatst, zowel de Engelsen als de Fransen met goud te financieren. Beide conflictpartners konden zo hun oorlogsinspanningen blijven bekostigen. Zowel de Franse als de Engelse regering werd daarmee in de schuldentang van deze economische Dracula's geplaatst. De Rothschild's hadden in die tijd in heel Europa al hun bankennetwerk gevestigd. Dit gaf hen de mogelijkheid om een bijzonder geavanceerd postservice-systeem op te zetten met geheime routes en snelle koeriers. Dit systeem werd gebruikt om van belang zijnde informatie zo snel mogelijk op de juiste plaats van bestemming te krijgen, waardoor ze voor het nieuws uit hun verdere stappen konden bepalen. Toen bekend was wie de slag bij Waterloo had gewonnen, de Engelsen dus, wist de koerier dit nieuws 24 uur eerder bij de Rothschild-gezant in Londen af te leveren dan dat het daar algemeen bekend werd. Deze instrueerde vervolgens op de beurs zijn stromannen om Britse staatsaandelen te gaan verkopen, hetgeen de rest van de beurshandelaren deed vermoeden dat de Fransen hadden gewonnen. Op grote schaal werden toen alle Britse aandelen gedumpt, hetgeen de waarde ervan enorm deed dalen. Waarna Rothschild's handelaren alle aandelen voor een habbekrats weer opkochten en het Rothschild-imperium de eigenaar van de Britse economie was geworden.

Deze manier van macht verwerven door list, bedrog én het financieren van alle partijen in een conflict, is tekenend voor het Rothschild/Illuminati-netwerk. Het is de manier waarop dit netwerk door de eeuwen heen stelselmatig iedere nationale economie in handen heeft gekregen. De wereldwijde overheersing van de US $ is deel van het plan om uiteindelijk iedere nationale economie en natiestaat om zeep te helpen. Dit wordt geïllustreerd door de veel geciteerde woorden van de grondlegger van de Rothschild-dynastie.

"Let me issue and control a nation's money and I care not who writes the laws."

Wanneer wij zien hoe de hypotheekcrisis in de VS sinds de afgelopen maanden van een rimpeling in de economische graaivijver tot een aanzwellende wereldwijde monetaire tsnunami aan het uitgroeien is, dan kunnen we mijns inziens met zekerheid zeggen dat het economische pausendom de tijd rijp acht voor de final stage van Het Grote Spel. De val van de dollar staat wat dit betreft dus niet op zichzelf. Zij maakt een wezenlijk deel uit van het chaos scheppen door de Illuminati. Tezamen met het scheppen van een wereldwijd nog groter wordende chaos door een nieuwe oorlog in het kruidvat van het Midden-Oosten, maakt dit het wereldtoneel klaar voor de komst van de grote ‘weldoener', verleider, de antichrist.

Van geloven naar weten.

De bovenbeschreven situatie zal zich zeker gaan voordoen. Tenminste als wij dat laten gebeuren. Wij hebben nu de kans om het aan ons opgedrongen geloof in de illusionaire wereld van geld en macht een radicaal halt toe te roepen. Het enige ware geloof dat dit kan bewerkstelligen is het geloof in jezelf, in de kracht van je eigen individualiteit, in je eigen goddelijke oorsprong. Dan kan het geloven getransformeerd worden tot een weten. Dan hebben we geen enkele deskundige bemiddelaar meer nodig, die macht kan ontlenen aan zijn positie. Dan hebben we de onmacht omgevormd tot een in het eigen innerlijk gefundeerde kracht die wonderen kan bewerkstelligen.

We zijn hier met elkaar om ons te oefenen in overgave. Overgave is het antwoord op de onmacht van het ego. Waar het ego de onmachtsgevoelens wegdrukt door het te overcompenseren met machtsgebruik ten aanzien van anderen, is angst de basisemotie. Maar waar het ego de eigen onmacht heeft leren accepteren en zich overgeeft aan krachten die groter zijn dan zichzelf vanuit het gevoel ‘niet mijn wil maar Uw wil geschiede', is vertrouwen de basisemotie. Met het ontwikkelen van vertrouwen wordt er innerlijk ruimte geschapen voor de Liefde. In het woord vertrouwen zit het begrip trouw. Dit maakt duidelijk waar het om gaat. Trouw zijn aan jezelf, aan je eigen individualiteit, aan je goddelijke kern.

In mijn beleving is er nu al een breed netwerk aan het ontstaan van mensen die, door hun kwaliteiten dienend in te zetten, de overgang naar een meer vergeestelijkte werkelijkheid kunnen helpen te vergemakkelijken. Blijft het gegeven dat we het in ons eigen leven allemaal zelf moeten doen, maar we staan daarin niet alleen. We zijn Al-Eén en Eén-te-Zamen.

Tot slot nog een citaat uit de toespraak van opperhoofd Seattle.

"De rode man heeft zich altijd teruggetrokken voor de oprukkende blanke, zoals de nevel in de heuvels vlucht voor de zon in de morgen. Maar de as van onze vaderen is heilig. Hun graven zijn gewijde grond. Wij weten dat de blanke man onze manier van leven niet begrijpt. Voor hem is het ene stuk grond gelijk aan het andere. Het is een vreemde, die in de nacht komt en van het land neemt wat hij nodig heeft.
De aarde is niet zijn broeder, maar zijn vijand. En als hij die verovert heeft, trekt hij verder. Hij trekt zich er niets van aan. Hij vergeet het graf van zijn vader en het erfdeel van zijn kinderen. Hij behandelt zijn Moeder, de Aarde en zijn broeder, de lucht, als koopwaar, die hij kan uitbuiten en weer verkopen als goedkope bonte kralen. Zijn honger zal de aarde kaal vreten en slechts een woestijn achterlaten. Ik begrijp het niet. Onze wegen zijn anders dan de uwe. Het zien van uw steden doet pijn aan de ogen van de rode man. Maar misschien komt het omdat de rode man maar een wilde is die niets kan begrijpen. Er is geen plaats om uit te rusten in de steden van de blanke man. Geen plaats waar je het openspringen van de knoppen in het voorjaar kunt horen of het geruis van de vliegende vogels. Maar misschien komt het omdat ik een wilde ben en dom. Het lawaai schijnt alleen maar bestemd om de oren pijn te doen. En wat heeft het leven voor zin als een man niet meer de eenzame kreet van de nachtuil kan horen of het praten van de kikkers rond het meer in de avond?"

In Licht en Liefde

Arend Zeevat

 



Bron: unitynet

Voeg toe aan: