Zoeken
 


ESM, zeven fatale vergissingen - brief aan de leden van de Tweede Kamer

Laatste wijziging: woensdag 18 april 2012 om 09:41, 2357 keer bekeken Print dit artikel Bekijk alle nieuws feeds van onze site
 
woensdag 18 april 2012


Geacht Kamerlid,

 

Op 22 mei 2012 is de kans groot, dat de Tweede Kamer de democratie de doodsteek geeft, kennelijk zonder het zelf in de gaten te hebben. Daarom vraag ik u persoonlijk van deze brief kennis te willen nemen. Uit stellingnames, publikaties en emails van politici en politieke partijen blijkt, dat er over het ESM-verdrag veel misverstanden bestaan, die fatale gevolgen kunnen hebben.

 

Eerste vergissing: het ESM-verdrag is geen zaak voor alle Kamerleden.

 

Het ESM-verdrag [1] is een frontale aanval op de democratie. Het ESM eist de sleutel van de staatskas (art 8 en 10) en daarmee verliest het parlement zijn hoogste macht. Met de ratificatie van het ESM-verdrag stemt de Kamer ook in met het nog niet ondertekende “Verdrag inzake stabiliteit, coördinatie en governance” [2], dat in hoge mate de bestedingen binnen het resterende budget zal bepalen. Ook de vrijheid schulden aan te gaan wordt aan banden gelegd. Van de democratie blijft slechts een lege huls over. Daarom zou elk Kamerlid zich persoonlijk over het ESM uit moeten spreken en zich niet uit gewoonte neer moeten leggen bij wat anderen hem opdragen. (Grondwet, art 67.3)

 

Tweede vergissing: Gouverneurs van het ESM (= Ministers van Financiën) moeten bij belangrijke besluiten vooraf met de Kamer overleg plegen.

 

In de technische briefing over het ESM van 12 april 2012 vertelde de voorlichter van het Ministerie van Financiën aan de aanwezige Kamerleden, dat bij alle belangrijke besluiten van het ESM vooraf overleg met de Kamer zou plaatsvinden. Op z’n minst kan worden vastgesteld, dat in het verdrag, zoals getekend op 2 februari 2012, absoluut niets is vastgelegd over voor-overleg met nationale Parlementen. Dergelijk overleg zou trouwens strijdig zijn met de opzet van het verdrag, dat druk of inmenging van buitenaf wil voorkomen en onafhankelijk handelen van het ESM wil waarborgen (art 32, 34, 35, 37, 38.) Bovendien is transparantie de vijand van het ESM onder het mom dat speculanten de zaken zouden kunnen bemoeilijken. (Zie bijv. het buiten spel staan van de Kamer tijdens de vorige bankencrisis.)

 

Kennelijk is dit verhaal over voor-overleg gebaseerd op de stellingname van Minister de Jager, die bijv. in zijn brief aan de Kamer van 23 november 2011 persoonlijk belooft zulk overleg te zullen plegen. Het gaat hier om een persoonlijke stellingname van de heer de Jager. Deze belofte bindt dus niet zijn opvolgers en maakt geen deel uit van het ESM-verdrag.

 

Derde vergissing: De Kamer behoudt veto-recht

 

De Gouverneurs van het ESM nemen belangrijke besluiten, zoals kapitaalverhogingen, met éénparigheid van stemmen. [3] In zijn brief aan de Kamer van 23 november 2011 stelt Minister de Jager, dat lidstaten “dus een feitelijk veto hebben” bij belangrijke besluiten van het ESM en vervolgt: “Bovendien zal ik, zoals ik in eerdere overleggen en brieven aan de Tweede Kamer heb gemeld, voor belangrijke beslissingen die genomen worden in het kader van het ESM altijd overleg voeren met de Tweede Kamer.”

 

Het is van belang op te merken, dat de éénparigheid van stemmen de Gouverneurs betreft en niet de lidstaten. De nuance is niet gering. (Zie vierde vergissing.)

 

Uit het woordje “Bovendien” blijkt, dat dit “vetorecht”, ook in zijn ogen, niet bij de Tweede Kamer ligt.

 

Elke Gouverneur heeft de mogelijkheid belangrijke besluiten te blokkeren, dat wil zeggen, zolang zijn land heeft voldaan aan alle betalingsverplichtingen aan het ESM (art 4.8). Echter, zodra spoed vereist is, is een meerderheid van 85% voldoende (art 4.4). Het is aannemelijk, dat bij elke komende crisis spoed vereist zal zijn. Nederland heeft dan met 5,7% van de stemrechten geen vetorecht.

 

Verder moet opgemerkt worden dat de eis van eenparigheid van stemmen slechts van tijdelijk aard is. Barroso werkt aan een wijziging van alle Europese verdragen, waarbij “eenparigheid” van stemmen vervangen wordt door “meerderheid” van stemmen.

 

In genoemde brief stelt Minister de Jager nog: “de besluitvormingsprocedures binnen het ESM zijn zo vormgegeven dat lidstaten niet tegen hun wil gebonden kunnen worden aan belangrijke beslissingen en de democratische controle gewaarborgd is.” Zoals opgemerkt hebben landen die niet aan hun betalingsverplichtingen kunnen voldoen geen stemrecht en geldt de eenparigheid niet bij spoedgevallen. En wat de waarborg van democratische controle betreft, kan geen enkel democratisch gezag controle uitoefenen op de besluitvorming van het ESM. Op basis van welke criteria krijgt de ene bank wel een kapitaal injectie en laat men een andere bank failliet gaan om voor een appel en een ei door een al dan niet bevriende bankier overgenomen te worden? 500 Mld, die zonder toezicht besteed mogen worden, is dat niet vragen om moeilijkheden? (Zie ook de stellingname van de Rekenkamer.) Alle documenten van het ESM zijn onschendbaar. Uitsluitend de gegevens die betrekking hebben op de jaarrekening mogen door een externe audit worden ingezien. Met uitzondering van de lidstaten kan niemand het ESM aanklagen. Het ESM staat daarmee boven de rechterlijke macht.

 

Vierde vergissing: Als Gouverneurs van het ESM behartigen de Ministers van Financiën de belangen van hun land.

 

Als Gouverneur van het ESM wordt de Minister van Financiën geacht de stabiliteit van de eurozone als geheel te bevorderen en niet in de eerste plaats de belangen van zijn land te behartigen. Daarmee komt zijn positie als Gouverneur op gespannen voet te staan met artikel 49 van de Grondwet (getrouwe invulling van zijn ministerschap).

 

Het ESM is een internationaal verdrag. Wat in een internationaal verdrag geregeld wordt staat boven de nationale wetgeving. Voor wat een Minister van Financiën doet als Gouverneur van het ESM is in het verdrag geregeld, dat hij aan niemand verantwoording verschuldigd is, dus ook niet aan de Tweede Kamer.

 

De maatregelen die voortvloeien uit het ESM en de gekoppelde verdragen zullen telkens tot verdere bezuinigingen en afbraak van werkgelegenheid leiden. Dit is een logisch gevolg van de samenstelling van de eurozone. (zie bijv. Friedman [4]) De regering handelt nu al in strijd met artikel 19.1 van de Grondwet, dat stelt dat de bevordering van voldoende werkgelegenheid voorwerp van zorg van de overheid is. Als Gouverneur van het ESM zal de Minister van Financiën de Grondwet permanent moeten negeren.

 

Vijfde vergissing: Het risico dat we meer moeten betalen aan het ESM is maar klein.

 

Zodra landen in de problemen raken vallen niet alleen de bijdragen van deze landen weg, maar wordt het beroep op de overige landen groter. Qua evenwicht is het ESM-systeem dus een driehoek op een punt: de minst geringste onevenwichtigheid brengt het geheel steeds sneller uit balans.

 

Het ESM wil voor het aanvangskapitaal een minimumverhouding tussen gestort kapitaal en uitstaande leningen van 15% aanhouden. (art 41) [5]. Voor 500 Mld aan uitstaande leningen is 75 Mld gestort kapitaal nodig. Met de 80 Mld die bij aanvang gestort zou worden, heeft het ESM dus 5 Mld over voor het opvangen van de eerste verliezen. Vervolgens moet elk verlies gecompenseerd worden door even grote nieuwe stortingen. In welke orde van grootte kunnen we verliezen verwachten? De jaarlijkse toename van de Griekse schulden, alleen al vanwege de open grenzen, is 40 Mld. [6] Zou het ESM tegen een verlies van 40 Mld oplopen, dan betekent dat dus, dat Nederland het gestorte kapitaal met 2,2 Mld moet aanvullen en voor het ESM 50% meer moet bezuinigen dan nu voorzien. (In feite ietsje meer, omdat Griekenland zelf zijn eigen ESM-bijdrage niet zonder extra leningen zal kunnen betalen.)

 

Verder bestaat het risico, dat sommige landen niet meer mee-financieren. Het EFSF werd omlaag gebracht van 780 Mld naar 726 Mld, omdat Griekenland, Ierland en Portugal niet meer mee konden financieren. Ook de bijdragen van het IMF lopen terug (bij de Griekse leningen van 27% naar 15%) [7]. IMF-landen blijken niet bereid de gewenste extra $600 op te hoesten. De VS houdt de knip dicht, zoals ook Canada en vele andere landen. Van de 17 eurolanden doen in principe slechts 13 mee in hun IMF-potje van 150 Mld euro. [8]. Opkomende landen (China, Brazilië, India) willen meer stemrechten in het IMF en staan niet echt te trappelen om meer te betalen aan de euro-crisis. Het ESM zal een steeds groter deel van risicovolle operaties zelf moeten financieren. Het risico is reëel, dat het politieke draagvlak voor het ESM snel verminderd. Het voorwendsel van de solidariteit wordt niet meer geslikt. Wat de Troika [9] in Griekenland aanricht wordt kun je moeilijk solidariteit noemen. Ierland veramt nog steeds (600 bedrijven uit de VS sluizen hun winsten weg) en ook Portugal kampt nog steeds met toenemende werkloosheid en verarming. Door roekeloos management staan de banken in Spanje, Italië en Frankrijk er slecht voor. Een deel van de 500 miljard zal dienen om banken van vers kapitaal te voorzien. Omdat de structuur van het bankwezen ongewijzigd blijft, is het stabiliserende effect hiervan slechts tijdelijk. (Het stabiliserende effect van de 1000 Mld die de ECB in het financiële systeem heeft gepompt was na 3 maanden al uitgewerkt.) In de huidige structuur moeten uitstaande leningen exponentieel blijven groeien om een crash van het banksysteem te voorkomen, terwijl diezelfde groei de capaciteit om verliezen op te vangen vermindert. Zolang we dit systeem overeind houden zal er steeds meer belastinggeld ingepompt moeten worden.

 

Zesde vergissing: Het ESM zorgt voor financiële stabiliteit in de eurozone.

 

Het ESM kan onmogelijk voor financiële stabiliteit in de eurozone zorgen om de eenvoudige reden dat het geen oplossing biedt voor de oorzaak van het schuldenprobleem.

 

De oorzaak van het schuldenprobleem zit namelijk in de grote verschillen tussen de landen van de eurozone. Het probleem is heel simpel. Je hoeft alleen de euros maar te volgen om het te zien.

 

De landen in de eurozone drijven handel met elkaar. Ze importeren van elkaar en exporteren naar elkaar. Daarbij gaan de euros ook van het ene naar het andere land. Als een land goederen importeert, gaan er euros het land uit.

 

Als een land meer importeert dan exporteert, houdt het minder euro’s over. En wanneer er te weinig over zijn, moeten de mensen naar de bank om geld te lenen. En zo raken ze in de schulden.

 

Dat is het probleem van Griekenland, dat 3 x zo veel importeert als exporteert. Elk jaar levert dat 40 miljard euro extra schuld op. [6] Met de open grenzen kan de Griekse regering hier zelf niets tegen doen. Het zijn immers de Griekse consumenten die in de winkel bepalen of zij lokale produkten kopen of liever importprodukten.

 

Die importprodukten zijn bijna altijd goedkoper, omdat in Duitsland meer en makkelijker geproduceerd kan worden. In Duitsland heb je een gunstig klimaat, veel vruchtbare grond, nog voldoende zoet water, makkelijke transportwegen, enz. In Griekenland is het ’s zomers 30 graden, is er heel weinig vruchtbare bodem, en heb je veel eilanden met hoge kosten voor transport, overslag, electriciteitsvoorziening, telefoonnetwerken, drinkwater, afval verwerking, waterzuivering en ga zo maar door. Griekenland zal dus nooit een concurrentieslag kunnen winnen van Duitsland. Nou ja, behalve misschien met olijfolie.

 

Vóór de invoering van de euro konden deze landen hun valuta devalueren. Zo werden de import-producten duurder voor de eigen bevolking en de export-producten goedkoper voor buitenlandse kopers. Daardoor nam de productiviteit in het land weer toe en nam de buitenlandse schuld weer af.

 

De Eurozone vormt geen homogene economische zone. Alle landen, die minder goede mogelijkheden voor productiviteit hebben dan Duitsland, zullen vroeg of laat in de schulden belanden. Hoe groter het verschil, hoe sneller ze aan de beurt zijn.

 

Dit is geen nieuwe kennis [10] [11]. Al toen de Luxemburgse bankier Pierre Werner in 1970 met zijn eerste blauwdruk voor een gemeenschappelijke munt aan kwam zetten, hebben vooraanstaande economen hiervoor gewaarschuwd. In feite is het heterogene Europa totaal niet gebaat met een gemeenschappelijke munt. Die wens kwam uit de bankwereld. In het fractional reserve banking systeem moeten de banken oneindig kunnen doorgroeien. Vanaf 1970 werd het steeds noodzakelijker om vrij verkeer van kapitaal te verkrijgen, zodat banken buiten hun landsgrenzen konden doorgroeien. Daarbij wilden de banken de risico’s van fluctuerende wisselkoersen zoveel mogelijk uitsluiten. Met de euro zijn de wisselkoersen inderdaad vast gezet, maar zijn de risico’s van de fluctuerende wisselkoersen verplaatst naar de gevolgen van de vast gezette koersen.

 

Zevende vergissing: We hebben geen andere keus

 

Wanneer u zou weten dat geld niets anders is dan door banken gecreëerde tegoeden die terugbetaald moeten worden, dan zou u er voor kunnen kiezen een bank van de overheid op te richten, die als enige het recht heeft leningen in omloop te brengen. (In dat systeem mogen commerciële banken doorgeefluik voor leningen worden en ontvangen daarvoor commissie, geen rente.) Hiermee worden alle gevaren van het huidige banksysteem weggenomen, verdwijnt de noodzaak van kapitaal bij de banken en verdwijnt ook het begrip staatsschuld. Geld kan dan weer dienen om arbeid en middelen bij elkaar te brengen voor die zaken die wij als gemeenschap belangrijk vinden. Democratie krijgt dan meer inhoud, in plaats van uitgehold te worden, zoals het ESM wil. “Van staatsschulden naar staatsgulden” http://www.courtfool.info/nl_Van_staatsschulden_naar_staatsgulden.htm

 

In tegenstelling tot wat beweerd wordt is er geen noodzaak om snel over het ESM te besluiten. Als de werking van de euro door speculanten verstoord wordt, dan is de meest logische weg dat de ECB haar munt beschermt en speculanten buiten de deur houdt door bijv. staatsobligaties te accepteren tegen normale rente. Daar is geen ESM voor nodig. De wurggreep van de Troika is een aanslag op de democratie en zal de intrinsieke verschillen ook niet op kunnen heffen. Europese samenwerking: JA, Europese dictatuur: NEE!

 

Ik hoop dat u op 22 mei a.s. voldoende geïnformeerd bent en uw stem zonder last zult uitbrengen. Ik sta tot uw beschikking voor nadere toelichtingen.

 

Hoogachtend,

 

Rudo de Ruijter

Onafhankelijk onderzoeker

 

Voor de voetnotes zie bron.



Bron: courtfool.info

Voeg toe aan: