Zoeken
 


Het Wereld Natuur Leger

Laatste wijziging: zondag 30 november 2008 om 23:56, 1778 keer bekeken Print dit artikel Bekijk alle nieuws feeds van onze site
 
zondag 30 november 2008

 

 

 

 

 

 

 

 

 

OP 7 NOVEMBER 1988 gingen bij veilinghuis Sotheby's in Londen twee schilderijen uit de privé-collectie van prinses Juliana en prins Bernhard van de hand. Het was een gezamenlijke krachtsinspanning van het veilinghuis en een speciaal comité onder leiding van Bernhard en baron H.H. Thyssen-Bornemisza om geld in te zamelen voor het Wereld Natuur Fonds.

 

(Door Rene Zwaap en overgenomen uit de Groene Amsterdammer)


Lang Artikel Alert!! Dus opslaan of afdrukken en later lezen, of nu lezen en niet zeuren. Dit moet je gelezen hebben. -Red.



De opbrengsten van de speciale veiling, A Future for Nature genaamd, waren overweldigend. Het schilderij "De heilige familie" van de zeventiende-eeuwse Spaanse meester Bartolomé Esteban Murillo, vooraf geschat op 60.000 tot 80.000 Britse pond, ging maar liefst voor tien keer zo veel - 600.000 pond - de deur uit. Het andere schilderij van Juliana en Bernhard, De verkrachting van Europa, toegeschreven aan de Italiaanse Elisabetta Sirani, deed het al even goed: vooraf gecatalogiseerd op een waarde van 6000 tot 8000 pond, ging het weg voor 100.000 pond.


De opbrengsten zouden in tranches van 200.000 pond per jaar door Juliana worden overgemaakt op de rekening van het in Zwitserland gevestigde hoofdkantoor van het Wereld Natuur Fonds (WNF). Als Juliana kwam te overlijden, zou het resterende geld in één klap uit haar nalatenschap aan het WNF worden overgemaakt. Het vorstenhuis had er een mooie fiscale aftrekpost bij, en het WNF, 's werelds grootste liefdadigheidsfonds voor de panda, de olifant, de neushoorn en andere verdrukte species, met een geschat jaarinkomen aan donaties van 50 miljoen Amerikaanse dollars, had weer meer financiële armslag.


MAAR WAT GEBEURDE er nu precies met het geld? Op 12 januari 1989 schreef directeur-generaal Charles de Haes van WNF Internationaal in het Zwitserse Glanden een brief aan een medewerkster waarin hij erop aandrong dat Bernhard 500.000 pond zou krijgen 'voor een speciaal project'. Welk project dat was, zei De Haes er niet bij.
Financiële verslaggeving is sowieso niet het sterkste punt van het WNF. De organisatie is opgebouwd uit nationale cellen, die geen zicht hebben op wat er uiteindelijk in Zwitserland met de gelden uit de campagnes wordt gedaan. Accountants die zich beklagen over de ondoorzichtige boekhouding, zoals de Zwitser Claude Martin, komen gelijk op straat te staan.


Uit de scheepslading geheime documenten en rapporten die de Ierse journalist Kevin Dowling in zijn jarenlange onderzoek naar de praktijken van het WNF aan het gesloten front der natuurbeschermers heeft weten te ontfutselen, blijkt echter dat prins Bernhard op dat moment desperaat geld nodig had voor een geheime paramilitaire operatie in het zuiden van Afrika, Project Lock genaamd.


De buitenwereld hoorde voor het eerst over Project Lock in 1991. Diverse kranten - in Nederland was het de Volkskrant - onthulden toen dat in Zuid-Afrika een speciaal commando van voornamelijk Britse huurlingen in opdracht van prins Bernhard bezig was met een soort vergeldingsactie tegen stropers in zogeheten wildparken. In een geruchtmakend stuk in de Volkskrant van 24 augustus 1991, getiteld 'De lange arm van het Wereld Natuur Fonds', meldde Stephen Ellis, hoofd van het Afrika-Instituut van de Universiteit van Leiden, dat Project Lock een privé-operatie was van prins Bernhard. Zijn privé-legertje was geïnfiltreerd in kringen van de internationale ivoorhandel en was gestuit op illegale activiteiten van het Zuid-Afrikaanse leger. Dat zou - in samenwerking met Afrikaanse terreurbewegingen uit Angola en Mozambique, zoals Unita en Renamo - dik verdienen aan de illegale handel in ivoor en in hoorn van rinocerossen.


Project Lock, zo stelde het Volkskrant-artikel, was geheel uit de hand gelopen. Het verhaal deed denken aan het IRT-drama: wat begon als infiltratie mondde snel uit in enthousiaste participatie, waardoor nauwelijks meer te onderscheiden viel wie de good guys waren en wie de bad guys. De mannen van Project Lock hielden zich bezig met eigen smokkellijnen, terreurcampagnes onder de Zuid-Afrikaanse bevolking en onder die van de buurstaten, en zouden ook (bijna) hebben gefungeerd als speciale trainingseenheid ten behoeve van de Inkatha-beweging, het Zoeloeleger dat door de Zuid-Afrikaanse autoriteiten als een ideaal bestrijdingsmiddel van het ANC werd gezien. Het commando zou moordaanslagen op ivoorhandelaren hebben beraamd en zich bezig houden met allerhande dirty tricks. Kortom: alle reden tot paniek voor prins Bernhard en iedereen die weleens wat geld aan het WNF had overgemaakt. De prins kwam er in het Volkskrant-verhaal nog genadig van af. Zijn intenties werden in ieder geval als 'nobel' omschreven. Alleen in de dagelijkse praktijk had het een beetje tegengezeten.


HET WNF NEDERLAND, waarover Bernhard presideerde (zijn internationale leiderschap over het WNF moest hij in 1976 vanwege Lockheed vaarwel zeggen, ten faveure van zijn Britse collega prins Philip) ontkende iedere betrokkenheid van het WNF bij Project Lock. Het ging om een privé-actie van de prins, die er volgens de RVD een slordige twee miljoen gulden aan 'eigen vermogen' in zou hebben gestoken.


In Nederland nam iedereen genoegen met die uitleg. Stephen Ellis, gevraagd om commentaar: 'Ik heb begrepen dat het WNF nog een klacht tegen de Volkskrant had willen indienen, maar dat kwam er nooit van. De consternatie ebde snel weg doordat diezelfde week het nieuws kwam van de coup tegen Jeltsin in Moskou. Reacties op mijn verhaal kwamen er niet, noch follow-ups in andere kranten. In 1994 en 1995 heb ik nog twee artikelen geschreven over Project Lock en zijn context, maar dan voor een wetenschappelijk blad, de Journal of Contemporary African Studies. Daarin spitte ik de rol van het Zuid-Afrikaanse leger bij de illegale ivoorhandel verder uit. In wetenschappelijke kring kreeg ik daar veel waardering voor. Daarbuiten bleef het stil. Blijkbaar mag je geen kritiek hebben op de prins en zijn wijze van natuurbeheer.'


WIE ZICH ER niet bij neerlegde, was Kevin Dowling. Dowling, een gerenommeerd journalist uit Ierland, had voor de BBC, Channel 4 en Independent Television Network al diverse documentaires over faunabescherming gemaakt. Eind jaren tachtig kreeg hij van de BBC de opdracht een tv-documentaire te maken over het uitsterven van de Indiase tijger. Al doende raakte hij steeds meer gefascineerd door de ongekende macht die organisaties als het WNF vertegenwoordigen. Dowling: 'Meer dan acht miljoen vierkante kilometer van de wereld is benoemd tot wildpark of anderszins beschermd natuurgebied. Het is een gebied groter dan het gehele continent van Australië, groter dan India, Afghanistan, Iran en Irak tezamen, en het wordt direct geregeerd door organisaties als het WNF, die de mensen die er wonen behandelt als slaven. Maar dat wist ik niet toen ik eraan begon. Ik geloofde organisaties als WNF op hun woord, slikte hun propaganda en gaf het door.'


In 1989 werd Dowlings documentaire The Elephant Man, over de illegale handel in ivoor, een groot succes. Gevoed door informatie van het WNF ging Dowling in deze documentaire de handel en wandel na van de meest beruchte ivoorhandelaar van Hong Kong, T.H. Poon, en schilderde hij Dubai af als een ander nest van ivoorpiraten. DE WNF-leiding was dolenthousiast over de film. WNF-topman Sadruddin Aga Khan roemde de film als een enorme stimulans in de mondiale campagne om de olifant te redden. Directeur-generaal De Haes van WNF noemde het 'een lichtend voorbeeld van journalistiek over natuurbescherming'.


Dowling: 'Ik won een prestigieuze prijs voor milieu journalistiek, de Wild Screen Award, en werd algemeen bejubeld. Maar de film was nog niet op tv uitgezonden of ik had er al spijt van. Hij bevestigde het oude vertrouwde verhaal dat het Chinezen en zwarten zijn die schuldig zijn aan het uitsterven van de neushoorn en de olifant. Maar tijdens mijn onderzoek in Kenia, Zambia, Angola, Namibië en ga zo maar door kwam ik erachter dat ik systematisch was voorgelogen. Volgens het WNF waren er de laatste tien jaar meer dan een miljoen olifanten afgemaakt, maar niemand kon ooit een foto van een dode olifant laten zien. Ik vroeg me af waarom. Ik zag ook dat de zwarte stropers die het allemaal op hun geweten zouden hebben, absoluut niet beschikten over de hightech-wapens die je voor zo'n slachting nodig hebt. En met die ivoorhandel in Dubai viel het ook reuze mee. Die had daar maar acht maanden lang plaatsgevonden, in plaats van de tien jaar die het WNF mij op de mouw had gespeld. Daarna had de plaatselijke sjeik er een einde aan gemaakt.


Van officiële zijde hoorde ik steeds dat er in Zuid-Afrika absoluut geen problemen waren, dat de neushoorns en olifanten daar prima werden beschermd. Maar in Zambia hoorde ik wel voor het eerst over een geheim commando van Britse huurlingen die zouden zijn geïnfiltreerd in de ivoorhandel van Johannesburg, terwijl die daar helemaal niet zou zijn. Dat was de eerste keer dat ik Project Lock op het spoor kwam. Toen ik vernam wie het daar voor het zeggen hadden en er achter de schermen werkten, kreeg ik helemaal second thoughts. Het zorgde ervoor dat ik de natuurbescherming wat anders ging zien.


Bovendien wees alle informatie die ik loskreeg erop dat de grote bulk ivoor en rinoceros-hoorn allemaal richting Zuid-Afrika ging, soms in vliegtuigen van het nationale leger. Alles wees er steeds duidelijker op dat Zuid-Afrika de oorlog om het behoud van de apartheid financierde uit de ivoorhandel, naast de handel in drugs, wapens en al het andere waar ze de hand op wisten te leggen.'


IN 1990 ZORGDE Dowling voor grote paniek bij de WNF-leiding. Zijn documentaire 'Tenpence in the Panda' voor het programma The Cook Report voor Central Independent Network gaf een ongenadig beeld van de fiasco's van het WNF. Shockerende feiten kwamen aan het licht. Het miljoenenverslindende project van het WNF om de Chinese pandabeer - symbool van het WNF - voor uitsterven te behoeden, was finaal mislukt. Het grootste deel van het geld kwam niet eens in China aan. Met de olifanten en de neushoorns was het al even treurig gesteld. Het WNF werd in 1961 opgericht om de zwarte neushoorn te redden, maar Dowling toonde aan dat er tot 1973 nooit een cent was uitgetrokken voor de redding van die species. Zo ging het maar door.


Het probleem van WNF was dat Dowling zijn informatie had geput uit een intern rapport van het WNF, opgesteld door Oxford-professor John Phillipson. Dowling: 'Van dat rapport waren maar twaalf kopieën in omloop. Prins Philip zorgde er als hoofd van WNF voor dat niemand het te lezen kreeg.' Uit een geheim memorandum van Philip aan Charles de Haes, gedateerd op 2 oktober 1989 (in bezit van De Groene), blijkt dat de hertog van Edinburgh 'not amused' was over Phillipsons rapport. 'Als we het niet geheel publiceren, worden we van een cover-up beschuldigd. Maar als we het vrijgeven, zullen alle herrieschoppers de dag van hun leven hebben', schreef de Britse prins-gemaal vrij vertaald. ('All the mischief makers wil have a field day!')


Dowling: 'Nadat het Phillipson-rapport naar buiten kwam via mijn film, begon WNF een enorme campagne tegen mij en mijn film. Er werd een speciale "crisiscel" opgericht, die voor maar liefst 350.000 dollar alle juridische en pr-strategieën moest ontwikkelen om het effect van mijn film te minimaliseren. Er werd een zaak aanhangig gemaakt bij de Independent Broadcasting Authority (IBA), het toezichthoudend orgaan op de media, waarin ik werd beschuldigd van immoreel handelen door geheime rapporten te stelen.'


Het was alleen maar extra publiciteit voor The Cook Report. Dowling kwam met de ene onthulling na de andere. Hij toonde aan dat in sommige door WNF of aanverwante organisaties beheerde natuurparken voor veel geld op olifanten en neushoorns kon worden geschoten. Wie genoeg geld had, kon zich onder de vlag van de natuurbeschermers helemaal uitleven.


Ook ging Dowling in op de lotgevallen van de Keniase jager Ian Parker, die door WNF-oprichter Peter Scott was ingehuurd om vanuit Nairobi in Kenia de stroperij te bestuderen. Parker kwam erachter dat de Keniase president Jomo Kenyatta en zijn dochter Margaret diep in de ivoor- en neushoornhandel zaten, samen met mensen die juist als natuurbeschermers door het leven gingen. Parker schreef een rapport, maar een paar uur voordat hij die aan de WNF-leiding zou overhandigen, werd hij gekidnapt.

Drie dagen lang werd hij in elkaar gebeukt, terwijl zijn vrouw met de dood werd bedreigd als hij zijn rapport openbaar zou maken. President Kenyatta kreeg precies op dat moment van prins Bernhard de Gouden Ark uitgereikt, een speciale onderscheiding voor zijn aandeel in het redden van de neushoorn.


Parkers rapport, tot dan toe het meest onthullende document over de illegale handel in ivoor, bleef zeventien jaar in de lade, totdat Dowling het in zijn Cook Report bekendmaakte. Dowling: 'Meer en meer kwam ik erachter dat er onder het mom van natuurbescherming een sinister spel bezig was, waarvan in de eerste plaats de lokale bevolking en in de tweede plaats de dieren waarom het allemaal draaide het slachtoffer werden.

Natuurbeschermers gedroegen zich in hun rijk als feodale vorsten. Een beroemde Franse natuurbeschermer schoot een zwarte jongen die in de rivier aan het baden was op klaarlichte dag dood, zogenaamd omdat hij een stroper in hem had gezien. In Kenia verkondigde dr. Richard Leakey, een top-natuurbeschermer, een soort totale oorlog tegen zogenaamde stropers. Die mochten gewoon worden doodgeschoten. In Zimbabwe hoorde ik over een slachtpartij onder honderdtien mensen.


Ik ontdekte dat in die zogenaamde wildparken een systeem van totale onderdrukking bestond. Mensen hebben er geen rechten, hun traditonele manier van inkomsten verdienen is verboden. Ze kunnen zelfs niet op een bloem gaan staan zonder het gevaar te lopen te worden vermoord. Ondertussen bleken die zogenaamde wildparken te fungeren als uitvalsbases en trainingskampen voor allerhande huurlingen. Zuid-Afrika stationeerde er zijn geheime troepen die dood en verderf moesten zaaien in de townships van Zuid-Afrika en in de frontlijnstaten, terwijl ook de terroristen van Renamo en Unita er graag neerstreken.'


Dowling benaderde Channel 4, het Engelse kanaal dat bij uitstek is bestemd voor de kritische tv-documentaire. Met die zender kwam hij tot een overeenkomst om een programma te maken over Project Lock en aanverwante zaken.
Dowling: 'Omdat ik inmiddels zoveel contacten had in Afrika, werd ik overladen met informatie over Project Lock. Ik ontdekte dat er heel zware jongens bij die operatie waren betrokken. De militaire tak van de operatie stond onder leiding van kolonel Ian Crooke, de tweede man van de speciale strijdkrachten in Engeland, de SAS. Crooke kende ik nog van toen hij in 1980 de Iraanse ambassade in Londen, die bezet was door Koerden, liet bestormen. Daarbij werden alle bezetters neergeschoten, hoewel ze zich hadden overgegeven.

Verder trof ik in het Lock-netwerk de naam aan van Gordon Shepard. Dat is een soort dirty tricks-specialist van de geheime dienst MI6 in Noord-Ierland, gespecialiseerd in zogenaamde black propaganda - misleiding van het grote publiek op elke mogelijke wijze. Er zaten mensen bij van Kroll Associates, een soort particuliere inlichtingendienst van Wall Street. Het was kortom een echt zwaar gezelschap, een old-boy network waarin het WNF, de SAS, MI5 en MI6 plus de nodige CIA'ers en particuliere inlichtingendiensten broederlijk samengingen. De civiele kant van de operatie was in handen van John Hanks, prins Bernhards rechterhand in Afrika.'


IN ZIJN QUEESTE naar de ware activiteiten van Project Lock stuitte Dowling op steun uit onverwachte hoek; diverse hoge officieren van het Zuid-Afrikaanse leger en de Zuid-Afrikaanse inlichtingendienst bleken bereid er een boekje over open te doen. Zo wist Dowling de hand te leggen op een vertrouwelijk rapport over Project Lock van de Zuid-Afrikaanse inlichtingendienst, gedateerd op 21 augustus 1989. Het rapport is opgesteld door een Zuid-Afrikaanse infiltrant in Bernhards huurlingenlegertje, die later overigens om het leven kwam bij een auto-ongeluk. In het rapport wordt Project Lock zonder meer een WNF-initiatief genoemd.

Het memorandum rept van een open invitatie van de Project Lock-leiding aan de Zuid-Afrikanen om deel te nemen aan de praktijken. De rapporteur weegt de risico's af: 'Het meest besproken probleem is de mogelijkheid dat Zuid-Afrika negatieve internationale publiciteit krijgt als de media de informatie zouden verspreiden dat de Zuid-Afrikaanse regering het smokkelen van bedreigde diersoorten tolereert als een onderdeel van het destabiliseringsproces van zijn buurstaten.' Als een van de voordelen noemt de rapporteur het aanbod van Ian Crooke om samen te werken bij het 'in de gaten houden van anti-Zuid-Afrikaanse instellingen overzee'. 'To what extent and to what value this would be achieved, is not known', aldus de rapporteur.


Dowling: 'Ik ging steeds meer twijfelen aan het werkelijke doel van Project Lock. Puur natuurbeheer kon het toch niet zijn. In 1992 vond er in Zuid-Afrika een slachting plaats door leden van de zogenaamde Koevoet-eenheid, een speciaal commando om verwarring te zaaien onder de zwarte bevolking. De daders van die slachting bleken hun opleiding te hebben genoten bij Project Lock.


Dr Richard Bell, een eminente natuurbeschermer in Zambia, vertelde me voor de camera dat mensen van Project Lock hem hadden voorgesteld om een paar veronderstelde stropers te vermoorden. De Sunday Times in Johannesburg maakte melding van een plan van Project Lock-mensen om de Duitse handelaar Hans Becker te liquideren. Het plan was om hem naar Zuid-Afrika te lokken, te wurgen en in de achterbak van zijn auto achter te laten in Swaziland, en het ANC ervoor op te laten draaien. Andere onwelgevallige mensen konden worden opgeruimd door mantrax, een soort heroïnesubstituut, bij hen te laten vinden.


Ook waren Project Lock-mensen van plan om neushoorns met dodelijk gif te besprenkelen teneinde het stropen tegen te gaan. Maar de hoorn van een neushoorn wordt in de Afrikaanse geneeskunde gebruikt als koortsverlagend middel - het werkt nog ook. Project Lock was ook de eigenaar van een helikopter die werd gebruikt om zogenaamde stropers in Zimbabwe op te ruimen. Dat lijkt meer op een moordcommando dan op een natuurbeschermingsclub. Craig Williamson, een top spion voor de Zuid-Afrikanen, vertelde me voor de camera dat het voor hem evident was dat Project Lock zelf werd ingezet bij smokkel praktijken.'


TOT DIEZELFDE conclusie kwam twee jaar geleden de Kumleben-commissie in Zuid-Afrika, ingesteld door president Mandela. Deze commissie moest onder leiding van rechter Kumleben uitzoeken wat de natuurbeschermers nu precies hebben gedaan tijdens de jaren van de apartheid.


De uitkomst van het onderzoek was vernietigend voor Project Lock. Hoewel de commissie te weinig tijd en geld had om de onderste steen boven te krijgen, kwam Kumleben in zijn eindrapport wel tot de conclusie dat Project Lock, gesteund door het WNF, gebruik maakte van 'wel zeer onorthodoxe middelen' en daarbij de steun verkreeg van het Zuid-Afrikaanse leger. Over het Kumleben-rapport, dat zo pijnlijk was voor het WNF, werd in de westerse media vreemd genoeg met geen woord gerept. Het WNF lijkt succesvol gelobbyd te hebben om verdere publiciteit over Lock tegen te houden.


Ook Kevin Dowling is daar inmiddels het slachtoffer van geworden. Verleden maand kreeg hij van opdrachtgever Channel 4 te horen dat zijn film over Project Lock en het uitsterven van de zwarte neushoorn met onmiddellijke ingang van het programma is afgevoerd. De film, die nog moest worden bewerkt, mocht er niet komen.
Dowling: 'Dit alles geschiedde nadat Channel 4-directeur Michael Grade een telefoontje kreeg van Lord Audrey Buxton, de rechterhand van prins Philip. Plotseling zou onze documentaire niet meer aan de eisen voldoen. Terwijl de verantwoordelijke filmmaatschappij al meer dan tweeduizend documentaires heeft geleverd aan Channel 4, en de camera- en geluidsman nota bene onlangs nog een Oscar nominatie kregen voor hun biografische film over Nelson Mandela.


Ikzelf, als consultant voor de film ingehuurd, kan naar mijn centen fluiten en verkeer daardoor in acuut financieel gevaar, gezien alle tijd en geld die ik er zelf heb ingestoken. Het bewijst weer eens dat het hier om een groot verhaal gaat. Misschien wel te groot.'

© Rene Zwaap / De Groene Amsterdammer 

Lees ook: http://www.wuz.nl/artikel/5797.Lid%20van%20het%20Wereld%20Natuur%20Fonds%20.html



Bron: mosterdnademedia

Voeg toe aan: